Een vergeten stukje.

Toen ik, op dezelfde dag dat ik de bloeiende kerselaars op de foto had gezet, terugkeerde van de kine reed ik nog niet meteen naar huis. In plaats daarvan fietste ik tot aan het eindpunt van de oude, afgedamde Leiearm in Machelen-aan-de-Leie, op de grens met dat andere Leiedorp Gottem. Daar zette ik mijn fiets aan de kant, deed hem op slot en ging tevoet verder.
Meestal volg ik vanaf “Machelen Put” de wandelwegel in de richting van Grammene, maar deze keer kwam ik uit de tegenovergestelde richting. Aan dit stukje van de Oude Leie was ik in jaren niet meer geweest en het heeft, voor zover ik me kan herinneren, nog nooit eerder mijn blog gehaald.
Maar nu dus wel.

Er waaide weliswaar een fris windje, maar de blauwe lucht, de stralende zon en de heerlijke rust die hier heerste, maakten dat weer goed.

©Erfgoedbank Leie & Schelde

Heel lang geleden was hier een veerpont, dat reeds van in de 17e eeuw in handen was van de familie De Smet. Adolf De Smet begon zelfs, halfweg de 19e eeuw, met een heuse scheepswerf voor het vervaardigen van zeil- en jachtboten. De scheepsbouw werd later verder gezet door zijn zoon Cyriel. Na de dood van Cyriel verdween zowel het veerpont als de scheepswerf voorgoed. Nu is er van al die bedrijvigheid geen spoor meer terug te vinden.

Een klein, maar fijn wandelingetje was dit. Nu moest ik nog wel het hele eind terugkeren om mijn fiets te gaan ophalen.

Een dorp ten voeten uit. (8/8)

Vanaf het huis van Gerard Reve zetten mijn vrouw en ik het laatste stuk in van de wandelzoektocht die deze zomer in Machelen aan de Leie werd georganiseerd.
Via een zijstraat van de Posthoornstraat maakten we eerst nog een ommetje langs “Villa De Cock”, met c.o.c.k.

Omdat bij de villa een quizvraag moest worden opgelost, ga ik daar verder niet veel over vertellen.
Na het oversteken van de steenweg van Gent naar Kortrijk, kwamen we dan in de Dorpsstraat terecht, waar we de kinepraktijk passeerden waar ik wekelijks langsga voor een oplapbeurt. Niet dat er aan mij nog veel op te lappen valt. Van een oude sloep kan men immers geen speedboot meer maken. 🙂

Een beetje verder in de Dorpsstraat staat de “mannekesschoole”, of in het Nederlands de “jongensschool”. Zo was het vroeger althans. Nu is het nog steeds een school, voor leerlingen van het lager onderwijs. Maar meisjes zijn er nu eveneens welkom.
Hier moest alweer een quizvraag opgelost worden en moesten we zien te achterhalen waarvoor de turnzaal van de school vroeger diende.

Vlak naast de school ligt het Frans militair kerkhof.
Tussen 18 en 31 oktober 1918 werd er zwaar gevochten in de Leiestreek. Franse troepen deden er alles aan om de Duitsers te verdrijven van hun posities en langs beide zijdes waren de verliezen enorm. Na de gevechten lagen de slachtoffers her en der begraven in de velden. Het gemeentebestuur van Machelen besloot om de gesneuvelde Franse troepen een eigen begraafplaats te geven. Het ‘Frans kerkhof’ werd ingericht op een stuk grond naast de gemeenteschool. 750 gesneuvelde soldaten hebben hier een laatste rustplaats gevonden.
Hier staan 750 grafzerken, maar er is er maar ééntje waarop ook een foto staat van de gesneuvelde soldaat. Voor de quiz moesten wij de naam van die soldaat zien te vinden.

Omdat ik véél te goed ben voor deze wereld, geef ik voor één keer het antwoord op deze quizvraag mee.

Nog wat verder in de Dorpsstraat staat dit intrigerend huis. Iedere keer als ik er langskom blijf ik even staan om naar het huis te kijken. Het is zo’n ouderwets gezellig herenhuis met een boomgaard ervoor en met een mooi smeedijzeren balkon boven de voordeur.

Het mooiste huis van Machelen staat nog wat verder in de Dorpsstraat. Het is het herenhuis van Gustaaf Dauwe, de vroegere dorpsdokter. Vanop de straatkant is er echter niets meer te zien van het huis. Het zit verscholen achter een grote rij hoge bomen, bijna een half bos. Enkel bij het toegangshek kan je een glimp opvangen van de orangerie die bij het huis hoort.
Dokter Dauwe was een gekend figuur in Machelen-aan-de-Leie. In de tuin die bij het huis hoort zou ook nog een fragment te zien zijn van een middeleeuwse vierschaar.

En zo naderden we weer het dorpscentrum.

Aan onze rechterkant stond nog een mooie villa die nog dateert uit de jaren ’20 van vorige eeuw. Momenteel woont kunstschilder Martin Wallaert in deze villa en heeft er ook zijn atelier in ondergebracht. De kunstschilder verhuisde vorig jaar van ’t biechtstoeleke, het oudste, piepkleine huis van het dorp, naar deze riante villa. Dat maakt voor hem waarschijnlijk wel een groot verschil.
Naast het huis staat het “Reve-muurtje”, een klein muurtje in witte steen, waarop een gedicht is gebeiteld van Gerard Reve. De schrijver zelf ligt begraven op het nieuwe kerkhof, een eind buiten het dorpscentrum. Hij ligt daar een beetje eenzaam en verlaten.
In de Nederlandse pers werd vroeger al eens geklaagd over het feit dat hun schrijver zonder veel eerbetoon begraven ligt in een godvergeten gat aan de Leie. Daar is wel iets van aan. Maar sinds Joop Schafthuizen, de partner van Reve, in 2003 werd veroordeeld tot 7 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf wegens het aanranden van een dertienjarige buurjongen en het in bezit zijn van kinderporno, is men in het dorp waarschijnlijk niet meer zo opgezet met deze twee snoeshanen.

Wat verder kwamen we aan de rotonde, waar op de hoek nog een merkwaardig huis staat.
Het is het geboortehuis van kunstschilder Roger De Backer (1897-1984). De schilder bleef er tot 1944 wonen. Het herenhuis in neo-Lodewijk XVI-stijl werd in 1843 gebouwd. De gecementeerde gevel is doorheen de jaren weinig veranderd. Tijdens de bevrijding werd de voorgevel beschoten door onbekenden. De inslagen zijn op deze foto niet te zien, maar wie vlak voor het huis staat kan ze opmerken.
Roger De Backer was een impressionist en luminist. Hij ging in de leer bij de grote Leiekunstenaar Modest Huys. Zijn werken zijn over de hele wereld verspreid, maar zijn ook te zien in het Museum van Deinze en de Leiestreek.

Temidden van de rotonde staat de Vredesboom en het oorlogsmonument, ontworpen door de bekende beeldhouwer Antoon Van Parijs. Vorig jaar, in september, maakte ik hier deze foto ter gelegenheid van 100 jaar vredesfeesten.

Niet ver van de rotonde staat het oud gemeentehuis, met daarachter feestzaal “De Gulden Poort”, de plaats waar we aan deze wandelzoektocht waren begonnen.
Het zat erop. Alle vragen waren beantwoord. Met dank aan mijn dierbare echtgenote, natuurlijk. Als ik een fiets zou winnen met deze prijskamp dan mag zij er ook een keertje mee rijden. 😉

We hebben hoe dan ook genoten van onze zoektocht door dit dorp. Machelen-aan-de-Leie is misschien niet zo pittoresk zoals de Leiedorpen Deurle of Sint-Martens-Latem, maar het is nog een heus dorp, waar het soms lijkt alsof de tijd er is blijven stilstaan, maar dat toch helemaal mee is met z’n tijd. Een dorp waar het heerlijk rustig kan zijn, maar soms ook gezellig druk, waar de mensen vriendelijk en behulpzaam zijn en waar men z’n buren nog kent. Een dorp waar cultuur en tradities in ere worden gehouden, maar waar iedereen welkom is.
Kortom, een dorp ten voeten uit.


Geraadpleegde bron : erfgoedbank Leie en Schelde

Een dorp ten voeten uit. (7/8)

We waren nog steeds de wandelzoektocht aan het doen in het Leiedorp Machelen. Het routeplan had ons naar de rand van het dorp gebracht. Op het kruispunt van de Molenkouterstraat met de Donkerstraat staat een kapelletje waar een geschiedenis aan verbonden is.
Dit kapelletje werd gebouwd in 1876. Het maakte toen deel uit van de molenaarswoning met daarbij behorend een houten staakmolen.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog haalden de Duitse bezetters het in hun hoofd om hier een vliegveld aan te leggen. Daarvoor moesten de houten staakmolen en molenaarswoning verdwijnen. Alles werd met de grond gelijk gemaakt, alleen het kapelletje bleef gespaard.
Van het vliegveld is, voor zover ik weet, uiteindelijk niet veel terecht gekomen. Daar is in elk geval geen spoor meer van terug te vinden. Maar het kapelletje is gebleven en werd in 2014 helemaal gerestaureerd.

Het deurtje van het kapelletje stond open, dus kon ik het niet laten om even binnen te piepen.

Het laatste gedeelte van de wandelzoektocht was in afstand ook het langste gedeelte. De organisatoren hadden ervoor gezorgd dat wij nog eens flink de benen konden strekken.
Aanvankelijk leidde dit laatste stuk voornamelijk door de woonwijken aan de rand van het dorp.

Maar uiteindelijk kwamen we op de boerenbuiten terecht.

De route kwam uit bij de spoorwegbedding. Treinen denderen hier tussen Gent en Kortrijk voorbij.

En zo kwamen we bij de overweg aan de herberg “De Avonden”. Dit café werd zo genoemd naar de bekendste roman van Gerard Reve.
Gerard Reve was een belangrijk Nederlandse schrijver uit Amsterdam, die na een aantal omzwervingen door Frankrijk, in 1993 hier in Machelen neerstreek, samen met zijn levenspartner Joop Schafthuizen, en hier ook bleef wonen tot aan zijn dood in 2006.

Maar behalve de titel van het boek, heeft het café verder niet veel met Gerard Reve te maken. Toch heeft ook deze herberg een bijzondere geschiedenis. Het café is ondergebracht in het vroegere stationsgebouw van Machelen.
Op 20 augustus 1917, stipt om 9 uur ’s ochtends, stapte hier niemand minder dan de Duitse keizer Wilhelm II van de trein. Er zijn toen een aantal foto’s genomen die dat bewijzen. De keizer werd in Machelen verwelkomt door Friedrich Sixt von Armin, opperbevelhebber van het Duitse 4e leger.
Enkele maanden later, op 23 december 1917, kwam de Duitse keizer nog een tweede keer op bezoek in Machelen en schouwde er toen zelfs de troepen.

Herberg “De Avonden” mag dus een historische plaats genoemd worden. Aan het café sloegen wij de hoek om en wandelden we de Posthoornstraat in, die ons terug naar het dorpscentrum zou leiden.

Wat verder, in huis nummer elf, dat een beetje achteruit verscholen staat tussen bomen en sparren en een ietwat verwilderde voortuin, woonde Gerard Reve. Hij leidde hier, samen met Joop Schafthuizen, een teruggetrokken bestaan. Gerard Reve schreef in zijn boeken onverbloemd over de homoseksuele liefde en in het dorp werd gefluisterd dat er in dit huis buitensporige dingen gebeurden.

(wordt vervolgd)

Een dorp ten voeten uit. (6/8)

Op onze wandelzoektocht door het dorp Machelen waren mijn vrouw bij het Roger Raveelmuseum aangekomen. Omdat dit museum deel uitmaakt van de biënnale van de schilderkunst, die deze zomer in de Leiestreek wordt georganiseerd, gingen we binnen eens een kijkje nemen.
De benedenverdieping van het museum is volledig aan het thema van de biënnale gewijd (binnenskamers), terwijl op de bovenverdieping de vaste collectie te zien is met vooral werken van de grootmeester zelf.
Nu moet ik eerlijk bekennen dat het werk van Roger Raveel, niettegenstaande zijn wereldwijde faam, nooit echt mijn ding is geweest. Maar wie ben ik, om daarover te oordelen ?

Voor we het museum verlieten gingen we eerst nog even een kijkje nemen in de achtertuin van het museum.

Een half uurtje later stonden we opnieuw aan de buitenkant van het moderne gebouw, dat aan de binnenkant een heel bijzondere architectuur heeft en aan de buitenkant fel contrasteert met de kapel van het oude klooster dat er recht tegenover staat.

Vandaar wandelden we naar het pleintje naast de Kloosterstraat, waar zich een kleine speeltuin bevindt en waar een arduinen ping-pong tafel staat. Het correcte Nederlandse woord is een beetje raar, vind ik : tafeltennistafel. Dat is natuurlijk omdat je op een tennistafel tafeltennis speelt. 🙂

Er zijn hier ook enkele petanque-banen aangelegd. In een normale zomer worden hier vaak petanque-toernooien gespeeld. Maar in deze corona-tijden ligt dit pleintje er meestal verlaten bij.

Op deze plaats moesten verder geen vragen of fotopuzzels meer worden opgelost. We keerden terug naar de Petegemstraat. Terwijl achter ons een dikke, grijze wolk kwam opzetten, passeerden we nogmaals café ”’t Tonneke”. Ook de andere kant van de straat was afgesloten voor doorgaand verkeer, maar te voet konden wij erdoor.

De sombere wolk kon ons niet inhalen, noch de pret bederven. Op het kruispunt van de Petegemstraat met de Molenkouterstraat staat het merkwaardig huisje, waarin een piepklein winkeltje met allerlei prullaria is in ondergebracht. Maar die namiddag leek alles in het dorp wel potdicht, zo ook het winkeltje. Het dorp leek wel in lockdown, maar het was gewoon een rustige maandagnamiddag, vlak na afloop van de dorpskermis.

Vanaf hier begon het laatste gedeelte van deze wandelzoektocht, dat ons weer een eindje buiten de dorpskern zou brengen.

(wordt vervolgd)

Een dorp ten voeten uit. (5/8)

Mijn vrouw en ik waren dus de wandelzoektocht aan het doen, die deze zomer in Machelen wordt georganiseerd en we waren intussen op het Leieplein aangekomen. Op de hoek van het Leieplein met de Karperstraat staat een huis waar vroeger “De Karper” was gevestigd, een dorpscafé dat vele jaren lang werd uitgebaat door twee zussen. Deze zussen vormden het onderwerp van één van de quizvragen die bij deze zoektocht hoorden. We moesten de namen van de zussen zien te achterhalen. Ze hebben het ons echt niet gemakkelijk gemaakt, daar in dat dorp aan de Leie.
De Karper heeft inmiddels zijdelings achteraan een moderne aanbouw gekregen (niet te zien op de foto) waarin nu een restaurant is gevestigd.
Wij wandelden verder de Karperstraat in.

Halfweg de Karperstraat staat het “Biechtstoeleke“. Zo wordt het oudste huisje van Machelen genoemd. Het huisje dateert van de 17e eeuw. Ooit woonde er een chirurgijn. Later was het ook een bakkerijtje en een kruidenierswinkeltje. Tussen de winkelruimte en de leefruimte was een muur gebouwd met een kleine opening waardoor men kon zien of er klanten in de winkel stonden. Het luik in de muur deed een beetje denken aan een luik in een biechtstoel, vandaar de naam van het huisje.
In het huisje heeft lange tijd kunstschilder Martin Wallaert gewoond. Maar die is vorige jaar verhuisd naar een andere plek in het dorp. Momenteel woont er iemand die houten muziekinstrumenten maakt.

Een brouwerij uit de buurt brouwt op kleine schaal een ambachtelijk bier met dezelfde naam als het huisje. Een biechtstoeleke schijnt een zeer verfrissend biertje te zijn met een rijke smaak en een licht alcoholgehalte en wordt naar verluid bij de poort naast het huisje sporadisch aangeboden.

Omtrent het biechtstoelke werden geen quizvragen gesteld, dus liepen we hier voorbij. Aan het einde van de Karperstraat, op het kruispunt met de Gildestraat, kom je bij het Roger Raveelmuseum, niet te verwarren met het atelier van de kunstenaar, dat we vroeger op deze wandeling tegenkwamen. Maar voor we naar het museum toe gingen, liepen we eerst nog even verder tot aan het dorpspleintje.

Op het dorpspleintje staat sinds jaar en dag het café/brasserie “De Afspanning”, dat op deze stille namiddag gesloten was.

“De Afspanning” is reeds te zien op heel oude foto’s van het dorp. Zoals op de foto hieronder, die dateert van omstreeks 1900. Op de kerktoren staat nog een kleine, wat afgeknotte spits. In 1914 was men begonnen met het bouwen van een grotere spits op de kerktoren, maar die werd in 1918 alweer kapot geschoten tijdens een Duits bombardement.
In die tijd was de afspanning deels herberg en deel gemeentehuis.

Aan de andere kant van het dorpspleintje, bij het begin van de Petegemstraat, staat het “Tonneke”. Nog zo’n gezellig dorpscafé dat hier al heel lang staat. In de jaren ’50 en ’60 van vorige eeuw werden hier reeds “carambole wedstrijden” gehouden, wat nu nog altijd gebeurt.
Doordat het cafeetje niet zo groot is en ook geen buitenterras heeft, was er een probleem met de huidige corona toestanden. Daarom heeft de burgemeester de Petegemstraat laten afsluiten en kan de herbergier op de straat een terras open stellen en zo wat meer volk ontvangen, terwijl iedereen op virus-veilige afstand van elkaar kan blijven. Te voet kan je nog steeds de straat in, maar voertuigen dienen hier voortaan en tot nader order de pijlen van de wegomlegging te volgen.

We zouden hier later nog eens langskomen, om onze zoektocht verder te zetten. Maar eerst keerden we op onze stappen terug naar het Roger Raveelmuseum, waar schuin tegenover de ingang alweer een “zuil van Raveel” staat.

Het Roger Raveelmuseum maakt eveneens deel uit van het drieluik van de biënnale van de schilderkunst, waar ik het vorige week reeds over had. Daarom wilden wij binnen wel eens een kijkje gaan nemen.

(wordt vervolgd)