Het Rosarium.

We hadden in de gemeente Dadizele een wandeling gemaakt in het park “Het Torreke” en via de achterzijde van het kasteel van Mariënstede waren we bij de basiliek van Dadizele aangekomen. Een joekel van een basiliek zoals je zou verwachten in een stad zoals Brussel, Gent of Antwerpen, maar niet in een kleine gemeente in Zuid West-Vlaanderen.

We gingen eerst even langszij de kerk, onder een ijzeren boog door waarop in grote letters het woord “Rosarium” stond. Volgens Wikipedia is een Rosarium een tuin waarin de planten hoofdzakelijk uit rozen bestaan. Veel rozen zouden we eind november waarschijnlijk niet meer te zien krijgen, maar dat was ook niet de bedoeling, vermoed ik. Volgens de uitleg op een info-bord bij de ingang was dit een gebedspark rond de vijftien mysteries van de rozenkrans (of paternoster), uitgebeeld in evenveel kapelletjes en drie zuilen.
Verder stond er nog op het info-bord dat dit Rosarium zich bevond op de plaats waar vroeger de boomgaard van het kasteel van Dadizele was gelegen.

Mijn vrouw en ik zijn niet gelovig, maar we besloten om dit Rosarium toch met een bezoekje te vereren.
Het eerste wat we zagen waren een reeks vreemde kaders die aan lage muurtjes waren opgehangen. Het bleek een kunstwerk te zijn van ene Edward Maled. In ieder kader was een geboetseerd tafereel te zien waarin een legende van het dorp Dadizele werd uitgebeeld, met daaronder de bijhorende tekst.

En dan ging het pad langs vijftien kapelletjes waarin telkens een bijbels tafereel werd uitgebeeld. In vijf kapelletjes kan men een blij tafereel zien, in vijf andere kapelletjes een droevig tafereel en in de laatste vijf kapelletjes is telkens een glorierijk tafereel te aanschouwen. Een emotioneel parcours, als je het mij vraagt.

En zo kwamen we vanzelf bij deze merkwaardige kapel. De ingang ervan leek aan de achterkant van de kapel te zitten.

Toen we bij de voorkant van de kapel kwamen werd het ons duidelijk. Dit was een openlucht-kapel. Hier kon men dus in de buitenlucht een mis opdragen. Dit alles kadert in een lange traditie. Reeds van in de middeleeuwen kwamen pelgrims op bedevaart naar Dadizele.

Van hieruit hadden we een mooi zicht op de basiliek die aan de overkant van het Rosarium stond.

Het werd stilaan tijd om die basiliek eens van naderbij te gaan bekijken. En vooral om op zoek te gaan naar die mysterieuze Jan Van Dadizele.

Maar dat verhaal bewaar ik voor later. Binnenkort start ik op deze blog met het vervolg van het verslag over onze speurtocht naar sporen die verwijzen naar Maria van Bourgondië, die ik samen met mijn vriend en historicus Manu en met mijn echtgenote heb opgezet. Over een een aantal weken (dan zijn we al in het nieuwe jaar) begin ik daarmee.

Geraadpleegde bron : www.toerismedadizele.be

Park “Het Torreke”.

Op 25 november waren wij in Dadizele, een gemeente in West-Vlaanderen gelegen in de driehoek tussen Roeselare, Kortrijk en Ieper, op nauwelijks tien kilometer van de Franse grens. We parkeerden er de auto vlakbij de ingang van het domein “Het Torreke”. Men was in de straten van deze gemeente reeds begonnen met het ophangen van de kerstversiering.

“Het Torreke” was ooit een toegangspoort tot het kasteel van Dadizele, een middeleeuwse waterburcht dat tijdens de Eerste Wereldoorlog grotendeels werd vernield. De overgebleven gebouwen, zoals het koetshuis en de conciërgewoning werden samen met het aanpalend kasteelpark in 1977 aangekocht door de gemeente en als cultureel en toeristisch centrum in gebruik genomen.

We wandelden het park in en hielden eerst even halt bij het borstbeeld van Jan Van Dadizele. We waren hierheen gekomen omdat we nog steeds op zoek waren naar sporen die naar het leven van Maria van Bourgondië verwijzen. Deze Jan Van Dadizele heeft tijdens het bewind van de hertogin een belangrijke rol gespeeld.
Maar dat is iets voor later.

We wandelden verder tot aan de “Pompeschitter“. Dit beeld uit 1980 van de Brugse kunstenaar Marcel Eneman, stelt een man voor die zijn behoefte doet in een pompbak.

De naam van het beeld komt van de bijnaam van de Dadizelenaars. Volgens de legende had een man uit Dadizele zich overdreven tegoed gedaan aan bier en pruimen. Op weg naar huis kreeg hij dermate last van zijn darmen dat hij zich genoodzaakt zag zijn toevlucht te nemen tot de eerste de beste pompbak.

We lieten de “Pompeschitter” rustig verder kakken en we volgden een eindje de “Pompeschitter wandelroute” door het park, langsheen het kasteel van Mariënstede. Dit kasteel werd na de Eerste Wereldoorlog gebouwd op de restanten van het oorspronkelijke kasteel van Dadizele. In 1953 was het in handen van het bisdom Brugge gekomen, die van het kasteel een retraitehuis maakte. In 1985 werd het kasteel omgebouwd tot een tehuis voor mensen met een beperking.

Rondom het kasteel ligt een landschapspark naar Engels model.

De wandelroute leidde ons langs reuzehoge bomen, al is dat op deze foto’s niet duidelijk te merken.

Maar de route zou ons te ver weg leiden van ons oorspronkelijk doel, daarom sloegen we een wandelpad in dat terugliep in de richting van de basiliek.

We kwamen nog voorbij de kaasmakerij en chocolaterie van Mariënstede, waar mensen met een beperking tewerk worden gesteld.

Er zo kwamen we algauw terug bij het kasteel van Mariënstede en zagen we op de achtergrond de enorme basiliek van Dadizele weer opdoemen.

(wordt vervolgd)

Geraadpleegde bron : www.toerismedadizele.be