Geen kerst zoals vroeger.

Geen winterdorpen, kerstmarkten, schaatspistes en gezellige drukte dit jaar. Deze eindejaarsperiode verloopt een stuk soberder dan anders. We moeten het dit jaar doen met minder franjes en minder mensen om ons heen. Geen familiesamenkomsten met kerst, geen uitbundig feest met oudejaar.

Mijn vrouw moet werken op Kerstdag. Van kop tot teen corona-proof ingepakt oude en zieke mensen verzorgen in het Woon-zorgcentrum. Op de gang waar ze werkt zijn de voorbije maand achttien mensen gestorven. Bijna de helft van het personeel is besmet geraakt. Eén collega ligt al wekenlang in coma en vecht voor haar leven.

Eén keertje Kerstmis vieren op een wat soberder wijze is helemaal niet zo erg. Daar gaat niemand aan dood.
Laten we er in onze eigen bubbel toch maar een warme kerst van maken.

Buitenlucht.

Langzaam wordt het “nieuwe normaal” weer een beetje het “oude normaal”. Voor Moeder Natuur is dat misschien minder goed nieuws. Het is merkwaardig hoe de natuur open is gebloeid en planten en dieren hun territorium hebben uitgebreid, nu de mens zich door corona noodgedwongen heeft teruggetrokken. Een aantal vogelsoorten zijn terug van weggeweest. Langs de bermen bloeien zeldzame planten weer weelderig. In de Ardennen duiken de everzwijnen terug op en de wolven hebben kleine wolfjes op de wereld gezet. Alleen met de egels ging het wat minder goed. Ook zij leken te zijn getroffen door een of andere vermetele ziekte. Maar voor het overige waren planten en dieren tijdens de lockdown van de mens duidelijk in hun nopjes.
Maar wellicht zal daar verandering in komen. Er razen weer meer auto’s en vrachtwagens over onze wegen. Lang zal het niet meer duren voor de mens zich opnieuw zal opdringen en de natuur zal moeten wijken.
Nu er nog veel zuurstof in de lucht zit, ga ik dit verlengd weekend vast op zoek naar een rustig plekje om er te genieten van de heerlijke, zuivere buitenlucht.